Wat is DSO en hoe bereken je de betaaltermijn

DSO (Days Sales Outstanding) is het gemiddeld aantal dagen dat je op betaling wacht. Zo bereken je de DSO en lees je hem goed.

Kort antwoord

DSO staat voor Days Sales Outstanding en geeft aan hoeveel dagen het gemiddeld duurt voordat een verkoop op rekening is omgezet in geld. Je berekent het door de openstaande debiteuren te delen door de netto creditverkopen en te vermenigvuldigen met het aantal dagen in de gekozen periode. Een hoge DSO betekent dat je lang op betaling wacht, wat op termijn je liquiditeit onder druk kan zetten.

Wie op rekening verkoopt, krijgt zijn geld later. Hoeveel later, dat vertelt de DSO. Dit artikel legt uit wat DSO is, hoe je hem berekent en hoe je de uitkomst leest, zonder dat je er een boekhouder voor hoeft te zijn.

Wat is DSO?

DSO staat voor Days Sales Outstanding, in het Nederlands vaak het gemiddeld aantal dagen debiteurenkrediet. Het is het gemiddeld aantal dagen dat het kost om een verkoop op rekening om te zetten in geld op je bankrekening. Corporate Finance Institute omschrijft het als het gemiddeld aantal dagen dat creditverkopen nodig hebben om geld te worden.

Het getal is bruikbaar omdat het twee dingen in één cijfer samenbrengt: hoe snel klanten betalen en hoe goed jij achter betalingen aan zit. Een stijgende DSO is vaak het eerste teken dat er geld blijft hangen, nog voordat je kasstand er last van heeft.

De DSO-formule

De formule is: DSO = debiteuren / netto creditverkopen × aantal dagen in de periode. Met debiteuren bedoel je het openstaande bedrag aan klanten aan het einde van de periode. Met netto creditverkopen bedoel je alleen de verkopen op rekening, na creditnota’s. Contante verkopen tellen niet mee.

De periode kies je zelf: een maand, een kwartaal of een jaar. Het aantal dagen in de formule is het aantal dagen van die periode, dus bijvoorbeeld 30 voor een maand of 90 voor een kwartaal. Houd dezelfde periode aan, want een andere keuze geeft een andere uitkomst.

Rekenvoorbeeld

Een puur rekenvoorbeeld met ronde getallen, bedoeld om de formule te laten zien. Stel dat de debiteuren aan het einde van een kwartaal 120.000 euro bedragen en de netto creditverkopen over dat kwartaal 360.000 euro. Het kwartaal telt 90 dagen.

DSO = 120.000 / 360.000 × 90 = 30 dagen. Gemiddeld wacht je in dit voorbeeld dus 30 dagen op betaling. Is je afgesproken betaaltermijn 14 dagen, dan betalen klanten gemiddeld ruim twee weken te laat. Is je termijn 30 dagen, dan betaalt men gemiddeld precies op tijd.

Hoe lees je de uitkomst?

Een hoge DSO kan op termijn liquiditeitsproblemen geven, vooral bij kleinere bedrijven. Mogelijke oorzaken zijn klanten met betaalproblemen, te lange betaaltermijnen of een aanmaanproces dat niet strak loopt. Een lage DSO is meestal gunstig voor je liquiditeit, maar kan ook komen doordat je streng bent in krediet verlenen, en dat kan je omzet kosten.

Een vaste grens bestaat niet. Corporate Finance Institute noemt een DSO onder de 45 dagen over het algemeen laag, maar benadrukt dat dit per bedrijfstype verschilt. Vergelijk je DSO dus met je eigen betaaltermijn en met je eigen verloop in de tijd. Daarna is de volgende vraag welke klanten en welke facturen de DSO omhoog trekken. Dat zie je in een debiteurenbeheer-dashboard en in een ouderdomsanalyse van je debiteuren.

DSO en je boekhouding in APIboard

APIboard rekent geen DSO voor je uit. Wel laat het Studio-dashboard Debiteuren en crediteuren voor de boekhoudkoppelingen Exact Online, Twinfield en WeFact verwante cijfers zien: het openstaande bedrag, het aantal openstaande facturen, een ouderdomsanalyse naar dagen sinds de factuurdatum en de gemiddelde betaaltermijn over de laatste twaalf maanden. Dat laatste is het gemiddeld aantal dagen tussen factuurdatum en betaling van facturen die in die periode zijn betaald.

Let op het verschil: de gemiddelde betaaltermijn kijkt naar facturen die al betaald zijn, terwijl de DSO uitgaat van wat nu nog openstaat. Ze vullen elkaar aan, maar zijn niet hetzelfde getal. De data komt automatisch uit je pakket, zonder export. Meer over de dashboards lees je bij analyseren. Welke KPI’s je verder op een financieel dashboard zet, staat in financieel dashboard: welke KPI’s.

Onze tip: bereken je DSO elke maand op dezelfde manier en zet de uitkomsten naast je afgesproken betaaltermijn. Het gaat minder om het absolute getal dan om de richting: stijgt hij drie maanden achter elkaar, kijk dan in de ouderdomsverdeling welke klanten daar de oorzaak van zijn.

Veelgestelde vragen

Wat is een goede DSO?

Er is geen universele norm. Een DSO onder de 45 dagen geldt volgens Corporate Finance Institute over het algemeen als laag, maar wat goed is hangt af van je branche en je afgesproken betaaltermijn. Vergelijk je DSO daarom vooral met je eigen betaaltermijn en met je eigen cijfers van vorige periodes. Ligt je DSO ruim boven je termijn, dan betalen klanten gemiddeld te laat.

Wat is het verschil tussen DSO en debiteurenouderdom?

DSO is één getal: het gemiddeld aantal dagen dat je op betaling wacht. Debiteurenouderdom verdeelt je openstaande bedragen naar hoe lang ze al openstaan. De DSO vertelt dus of er een probleem is, de ouderdomsverdeling laat zien waar het zit. Gebruik ze naast elkaar.

Tellen contante verkopen mee in de DSO?

Nee. In de formule gebruik je alleen creditverkopen, dus facturen die later betaald worden. Contante verkopen worden gezien als nul dagen en blijven buiten de berekening. Neem je ze wel mee, dan lijkt je DSO lager dan hij in werkelijkheid is.

Hoe vaak moet ik de DSO berekenen?

De periode mag een maand, een kwartaal of een jaar zijn. Kies er één en houd die aan, want de gekozen periode beïnvloedt de uitkomst en je kunt alleen vergelijken wat op dezelfde manier is berekend. Veel bedrijven kijken maandelijks, zodat een stijging snel opvalt.

Hier meer over weten?

Koppel binnen minuten met je software, zonder zelf te hoeven knutselen. Wij maken het eenvoudig voor je.